Ik weet zeker dat mijn oma heel blij is met dit bericht. Ik ben vandaag naar de kerk genaamd “Johnward Pentecoast Holliness” geweest. Helaas heb ik voor haar daar geen kaarsje aan kunnen steken. Want in deze kerk was geen kaars of kruis te zien. Het was een grote ruimte met allemaal banken. Vooraan in de kerk was een podium. Daarop stonden grote speakers en er hingen paarsen linten.
Verbaast en nog maar half wakker liepen Willemijn en ik de kerk binnen. Wij waren een van de enige mensen en gingen vooraan samen met Reubin en Mwansa op een bank zitten. Een man in pak begon te spreken in Nenjya. Soms hoorde ik een aantal engelse woorden en zinnen voorbij komen. “What does it mean when you are a member of the curch?” was het onderwerp waar hij anderhalf uur over sprak en discussies met de kerkbezoekers over wilden houden. Steeds kwamen er weer mensen de kerk in en uitlopen. Ik begreep hier helemaal niks van. Ook Mwansa liep op een begeven moment weg. Was het gepast om dit te maken? Achteraf bleek dat Mwansa buiten de kinderen les aan het geven was.
Ik stond al in de startblokken om te gaan, maar deze preek bleek pas het begin van de mis. Er kwamen kinderen op het podium staan. Samen begonnen zij gospel te zingen en ik kreeg toch wel een brok in me keel. Dit wilde ik zo graag een keer meemaken. En nu sta ik hier in de compound, samen te zingen met de lokals.Hierna nemen drie vrouwen de gospelsongs over. Ik kijk om me heen en zie allemaal mensen heel intens hardop voor zichzelf bidden. Ze bewegen daarbij echt met hun hele lichaam heen en weer. Op dat moment besef ik mij hoe belangrijk de kerk voor deze mensen is. Het dringt tot me door dat zij op deze manier het leed in hun leven een plek proberen te geven.
Ook hierna is de mis nog niet gedaan. Twee mannen in pak gaan preken. De een in Engels, de andere in Nenjya. Het lijkt wel een beetje indoctrinatie. Schreeuwend roepen ze dat het je Jezus ervoor zorgt dat je problemen verdwijnen, dat je fouten worden vergeven. Ze staan als een soort rappers deze woorden te verkondigen. Er loopt een rij mensen naar voren. Een van de mannen in pak gaat de mensen een voor een langs. Er staan zelfs kinderen in de rij. Ze fluisteren wat in zijn oor. Hij pakt hun hoofd af en gaat voor hen bidden. De mensen vragen om steun of vergifenis in hun leven. Op de achtergrond staan de drie vrouwen weer gospel te zingen. Ik krijg tranen in mijn ogen. Nee, Maud, je kan hier niet om hun leed gaan huilen. Ik weet ze gelukkig weg te drukken.
Aan het eind van de mis vraagt een van de mannen aan ons of we willen opstaan. Er wordt voor ons geklapt. Wat er verteld wordt versta ik niet. Het voelt wel raar. 150 mensen kijken ons aan en wij weten niet waarom. Op de achtergrond hoor ik allemaal rare geluiden. Het klinkt als een schreeuwende vrouw/vrouwen die mishandeld wordt. Ik vraag aan Reubin wat er aan de hand is. Hij zegt dat er iemand in de kerk bezeten is door demonen. Ze zijn deze weg aan het jagen. Ik schrik hiervan. Ik voel me naar van binnen. Zo raar om te horen dat de mensen hierin geloven en zoiets in de kerk doen. Ik kijk stiekem naar achter en zie dat er een vrouw op de grond ligt. Aan haar wordt getrokken en geduwd.
De mannen om haar heen roepen “Demon go out”en “Jezus help her”. Ik vind dit maar eng. Voor mijn gevoel lijkt dit meer op een mishandel tafareel.
We lopen naar buiten en er staat een hele rij mensen klaar. Een voor een geef ik ze een hand. Volgens mij hoort dit bij de afsluiting van het kerkbeziek. Ik geef ze een hand, maar heb geen idee of ik ze ook nog wat moet zeggen. Ik glimlach wel.
Ziekjes en verward gaan Willemijn en ik alleen met de bus naar huis. Het is harstikke koud buiten. Onderweg kopen we bij het kraampje vlakbij onze lodge frita's en sinaasappels. We duiken meteen het bed in onder de warme deken. We eten onze frita's in stilte op. We krijgen geen woord meer uit ons
zondag 26 juli 2009
25 july 2009 – Shoppen in Lusaka
Aan het begin van de week hadden we met Annie afgesproken om naar de markt te gaan om Zambiaanse spulletjes te gaan shoppen. Elke dag vroeg ze ons of deze afspraak nog door ging. Zo veel zin had ze erin.
Om half 9 ging de telefoon en wij dachten dat dit Annie was. Het bleek Yvonne te zijn die ons mee wilde nemen naar Kitchen Party (soort van vrijgezellenfeest). Zo lief dat deze leerkrachten ons allemaal op sleeptouw willen nemen zodat we hun Zambiaanse leven kunnen ervaren. Ondanks dit super aanbod hebben wilden we Annie vandaag echt niet teleurstellen.
Samen met Annie, Field en Abel zijn we in een lokale bus gestapt op weg naar het centrum van Lusaka. Ik vond dit best spannend. Als enige blanke in een propvol (ongeveer 25 mensen) namaak retro volkswagenbusje. Hier in Chawamma zie je er op een dag wel honderd van zo'n soort busjes voorbij komen. Meestal toeteren deze busjes naar ons en worden er allemaal dingen in Nenyja naar ons toegeroepen. Ook tijdens deze rit worden er allemaal onverstaanbare dingen tegen ons gezegd. We lachen aardig terug en knikken wat. Als we daarna aan de leerkrachten vragen wat er gezegd wordt, krijgen we reacties als “ze vroegen hoe het met je ging en wilde je groeten”. Ik vraag me af of dit wel helemaal de waarheid is.
Bij City Centre stappen we uit. Om ons heen zien we alleen maar (donkere) mensen. Overal liggen spullen, zoals DVD's, eten en kleren op kleedjes. De mensen komen naar ons toe en vragen of we spullen van hem willen kopen. Field en Abel sturen ze weg. Alleen had ik mij hier nooit veilig gevoeld. Wat ben ik blij dat deze mannen mee zijn. In het marktgebouw loopt een kind met me mee met een opgeheven hand. Ik kijk en reageer niet. Best moeilijk om als kindervriend hier niet op in te gaan.
We lopen langs een rij met kraampjes met alleen maar vlees. Ik kan het niet laten en kijk. Had ik het maar niet gedaan. Ik wordt echt misselijk. Alle delen van verschillende dieren liggen daar uitgestald, klaar om gekocht en bereid te worden. Zo zie ik poten, huiden, ogen en allemaal dingen liggen die ik nog nooit in me leven gezien heb. De vliegen die erop zitten, maken het nog onsmakelijker. Even later schrik ik weer. In een andere rij liggen overal gedragen kleren en schoenen. Willemijn vraagt waar deze vandaan komen. Het blijken de donaties van de Westerse landen te zijn. Het raakt me echt dat deze kleren voor de armen zijn bedoeld hier op de markt liggen. Deze mensen krijgen deze kleren helemaal niet en lopen nog steeds in vodden rond. De containers worden onderschept en waarschijnlijk door rijke lui doorverkocht. Wat een corrupte bende. Wat een bedrog!
Er gaan zo veel emoties door me heen, zoals angst, verdriet, boosheid en schaamte. De angst overheerst, maar laat deze totaal niet merken. De mensen mogen niet merken dat het zweet me op mijn rug staat. Er komen mensen (lees mannen) op me af en soms wordt ik zelfs bij me arm vastgepakt. Abel, Field en Annie beschremen ons goed en wijzen ons erop dat er dieven achter ons aanlopen. Met heel mijn leven bewaakt ik de 70 euro (50.000 kwatscha) die ik om heb hangen.
We stappen snel in een van de busjes op weg naar Mandahill. Het winkelcentrum voor rijken. Ik hoop dat ik daar even tot rust kan komen. Maar in de bus moet ik ook op mijn hoede zijn. Voor mij en Willemijn zit een dronken man die stiekem zijn goude trouwring weer om doet. Je moet hier inderdaad niemand vertrouwen, zoals Martha de hippie als zei.
Ik zie hordes blanken voorbij komen in Mandhill. Hier zaten ze dus verstopt. Ik kan het mij wel voorstellen dat ze hier naar toe vluchten. We lopen “Game” binnen. Een alles in een supermarkt. Maar ook hier voel ik me niet fijn. De afgelopen weken heb ik in de armoede geleefd en nu zie je al die luxe artikelen om me heen. Deze omschakeling is zo groot. De prijzen liegen er niet om. Alles kost hier drie keer zo duur. Uit schaamte tegenover Abel, Field en Annie wil ik zo gauw mogelijk hier weg. Ik kan dit betalen, maar zij kunnen hier voor de prijs van 1 DVD misschien een week rond komen.
Onze laatste busrit gaat naar Kabwata cultural centre. Eindelijk een wat rustigere plek afgelegen van het drukke, overweldigende centrum. In deze witte ronde hutjes met rieten dakjes worden typische Zambiaanse spulltjes verkocht. Overal zie ik mooie spullen liggen en hangen. Maar ik kan kan niet meer. Ik voel me niet lekker, ik heb migraine.
De avond valt en ook hier wordt het tijd om naar huis te gaan. Een dronken man valt van een stilstaande truck en kruipt straalbezopen op de grond. Vandaag is mij opgevallen hoe stiekem de mensen hier drinken. Ze hebben kleine vierkante plastic zakjes met alcohol erin. Het valt bijna niet op dat ze hieruit drinken en dat dit alcohol is. Ondanks dat ik me niet lekker voel, moet ik dus nog even op mijn hoede blijven. Vooral nu het donker is. Pas in mijn kamer in de lodge voel ik me weer veilig.
Wat een dag! Dit hadden Willemijn en ik nooit alleen kunnen doen. Maar we hadden het ook nooit willen missen. Ziek stap ik me bedje in. Me ouders bellen. Wat ben ik blij dat ik even deze dag met zo vee indrukken en emoties met hen kan delen.
Om half 9 ging de telefoon en wij dachten dat dit Annie was. Het bleek Yvonne te zijn die ons mee wilde nemen naar Kitchen Party (soort van vrijgezellenfeest). Zo lief dat deze leerkrachten ons allemaal op sleeptouw willen nemen zodat we hun Zambiaanse leven kunnen ervaren. Ondanks dit super aanbod hebben wilden we Annie vandaag echt niet teleurstellen.
Samen met Annie, Field en Abel zijn we in een lokale bus gestapt op weg naar het centrum van Lusaka. Ik vond dit best spannend. Als enige blanke in een propvol (ongeveer 25 mensen) namaak retro volkswagenbusje. Hier in Chawamma zie je er op een dag wel honderd van zo'n soort busjes voorbij komen. Meestal toeteren deze busjes naar ons en worden er allemaal dingen in Nenyja naar ons toegeroepen. Ook tijdens deze rit worden er allemaal onverstaanbare dingen tegen ons gezegd. We lachen aardig terug en knikken wat. Als we daarna aan de leerkrachten vragen wat er gezegd wordt, krijgen we reacties als “ze vroegen hoe het met je ging en wilde je groeten”. Ik vraag me af of dit wel helemaal de waarheid is.
Bij City Centre stappen we uit. Om ons heen zien we alleen maar (donkere) mensen. Overal liggen spullen, zoals DVD's, eten en kleren op kleedjes. De mensen komen naar ons toe en vragen of we spullen van hem willen kopen. Field en Abel sturen ze weg. Alleen had ik mij hier nooit veilig gevoeld. Wat ben ik blij dat deze mannen mee zijn. In het marktgebouw loopt een kind met me mee met een opgeheven hand. Ik kijk en reageer niet. Best moeilijk om als kindervriend hier niet op in te gaan.
We lopen langs een rij met kraampjes met alleen maar vlees. Ik kan het niet laten en kijk. Had ik het maar niet gedaan. Ik wordt echt misselijk. Alle delen van verschillende dieren liggen daar uitgestald, klaar om gekocht en bereid te worden. Zo zie ik poten, huiden, ogen en allemaal dingen liggen die ik nog nooit in me leven gezien heb. De vliegen die erop zitten, maken het nog onsmakelijker. Even later schrik ik weer. In een andere rij liggen overal gedragen kleren en schoenen. Willemijn vraagt waar deze vandaan komen. Het blijken de donaties van de Westerse landen te zijn. Het raakt me echt dat deze kleren voor de armen zijn bedoeld hier op de markt liggen. Deze mensen krijgen deze kleren helemaal niet en lopen nog steeds in vodden rond. De containers worden onderschept en waarschijnlijk door rijke lui doorverkocht. Wat een corrupte bende. Wat een bedrog!
Er gaan zo veel emoties door me heen, zoals angst, verdriet, boosheid en schaamte. De angst overheerst, maar laat deze totaal niet merken. De mensen mogen niet merken dat het zweet me op mijn rug staat. Er komen mensen (lees mannen) op me af en soms wordt ik zelfs bij me arm vastgepakt. Abel, Field en Annie beschremen ons goed en wijzen ons erop dat er dieven achter ons aanlopen. Met heel mijn leven bewaakt ik de 70 euro (50.000 kwatscha) die ik om heb hangen.
We stappen snel in een van de busjes op weg naar Mandahill. Het winkelcentrum voor rijken. Ik hoop dat ik daar even tot rust kan komen. Maar in de bus moet ik ook op mijn hoede zijn. Voor mij en Willemijn zit een dronken man die stiekem zijn goude trouwring weer om doet. Je moet hier inderdaad niemand vertrouwen, zoals Martha de hippie als zei.
Ik zie hordes blanken voorbij komen in Mandhill. Hier zaten ze dus verstopt. Ik kan het mij wel voorstellen dat ze hier naar toe vluchten. We lopen “Game” binnen. Een alles in een supermarkt. Maar ook hier voel ik me niet fijn. De afgelopen weken heb ik in de armoede geleefd en nu zie je al die luxe artikelen om me heen. Deze omschakeling is zo groot. De prijzen liegen er niet om. Alles kost hier drie keer zo duur. Uit schaamte tegenover Abel, Field en Annie wil ik zo gauw mogelijk hier weg. Ik kan dit betalen, maar zij kunnen hier voor de prijs van 1 DVD misschien een week rond komen.
Onze laatste busrit gaat naar Kabwata cultural centre. Eindelijk een wat rustigere plek afgelegen van het drukke, overweldigende centrum. In deze witte ronde hutjes met rieten dakjes worden typische Zambiaanse spulltjes verkocht. Overal zie ik mooie spullen liggen en hangen. Maar ik kan kan niet meer. Ik voel me niet lekker, ik heb migraine.
De avond valt en ook hier wordt het tijd om naar huis te gaan. Een dronken man valt van een stilstaande truck en kruipt straalbezopen op de grond. Vandaag is mij opgevallen hoe stiekem de mensen hier drinken. Ze hebben kleine vierkante plastic zakjes met alcohol erin. Het valt bijna niet op dat ze hieruit drinken en dat dit alcohol is. Ondanks dat ik me niet lekker voel, moet ik dus nog even op mijn hoede blijven. Vooral nu het donker is. Pas in mijn kamer in de lodge voel ik me weer veilig.
Wat een dag! Dit hadden Willemijn en ik nooit alleen kunnen doen. Maar we hadden het ook nooit willen missen. Ziek stap ik me bedje in. Me ouders bellen. Wat ben ik blij dat ik even deze dag met zo vee indrukken en emoties met hen kan delen.
Vrijdag 24 july 2009 – Mula Wanda
Met mijn reisboekje en pen ga ik in de tuin van de lodge lekker in de zon zitten wachten op de schoolbus. Deze komt ons ophalen om naar Mula Wanda (de dierentuin) te gaan. Ik zit druk te schrijven en opeens komt er opeens een blanke vrouw naast me zitten. Verbaasd kijk ik haar aan. Dit is de eerste blanke die ik sinds mijn verblijf gezien heb. Met een jointje op haar mond stelt ze zich voor “I'm Martha. I am from Norway”. Ik raak aan de praat met deze vrouw. Ze is een echte hippie. Ze vertelt mij dat ze het leven in Zambia echt een “mess” vindt en en wat voor een corrupt land Congo is. Haar verhalen zijn indrukwekkend. Ze heeft samen met haar Zambiaanse vriend veel delen van Afrika gezien. Tijdens het geprek vertelt ze een paar keer hoe cool ze ons project vindt, maar ze benaderukt ook dat je hier niemand moet vertrouwen.
Het schoolbusje staat voor onze lodge en we vertrekken samen met een paar leden van de kidsrights club en een aantal leden naar de zoo. Onderweg vond er flink gezongen. Om het ritme aan te geven wordt er op de dak van het busje geslagen. De sfeer zit er al goed in!
Tijdens deze rit vraagt Dalisto (een leerkracht) aan mij of ik vandaag mijn lenzen in heb. Ik desinfecteer me handen en haal de lens eruit. Hij is harstikke verbaasd en gaat zelfs huilen. Hij denkt dat ik veel pijn heb als ik deze plastic rondjes in doe. Ik besef mij weer eens dat dingen die voor ons heel vanzelfsprekend zijn, dit hier niet zijn.
Vol bewondering loop in door Mula Wanda. Ik dacht dat dit een dierentuin zou zijn. Maar deze attractie bestaat uit een botanische tuin met zwembad en een dierentuin. Deze is nog dicht. Wat een mooie, kleurrijke bomen, planten en struiken. Ondanks de rondrennende kinderen kom je hier echt tot rust.
Naast Mula Wanda is een kliniek. De baby van Yvonne moet nog op een halfjaarlijkse controle komen. Ze vraagt of we mee gaan. Met de baby op mijn rug loop ik de kliniek binnen. Afwachtend kijk ik hoe de verpleegsters zullen reageren bij het zien van een blanke vrouw met een bruine baby. Baby-k begint te huilen en het grapje mislukt , want Yvonne komt natuurlijk meteen kijken wat er aan de hand is. De verpleegsters zijn harstikke aardig en ik mag hen alles vragen. Dit laat ik mij niet twee keer zeggen en vraag haar de oren van het lijf. De vrouw vertelt mij dat kinderen in Zambia tot en met 5 jaar elk half jaar gratis op controle komen. Hun ontwikkeling wordt bijgehouden. De baby's worden gewogen en krijgen injecties en vitminepillen.
Op de terugweg komt er een man naar mij toe. Hij vraagt mij of hij mijn vriend mag worden. Ik kijk hem raar aan en maak hem duidelijk dat ik al een vriend heb. Dan neem je er toch twee, antwoordt hij. Deze reactie had ik niet verwacht. Ik maak hem maar snel duidelijk dat ik alleen maar van mijn eigen vriend hou en niemand anders. Wat is het leven af en toe toch raar hier. De rest van de dag wordt ik ermee geplaagd dat ik een Zambiaanse vriend heb. O nee mij niet gezien! Ik ben harstikke blij met mijn eigen hollandse jongen!
Niet alleen de Jack CECUP School is in Mula Wanda. Ook verschillende andere scholen hebben hier een bezoek aan gebracht. Het valt mij meteen op welke kinderen van “onze” school zijn. Hun uniformen zijn kapot of vies, in hun schoenen zitten geen veters en hun haren zijn niet zo mooi gevlochten als de kinderen van de andere scholen. Ik schrik hier wel even van. Nu wordt de het verschil in rijk en arm weer even duidelijk. Maar voor Willemijn en mij zijn ze allemaal gelijk.
Deze kinderen zijn zo ontzettend dankbaar. Op het moment dat ze zien dat wij ook aanwezig zijn in de botanische tuin, stormen ze op ons af. Ze knuffelen ons, geven ons handjes en willen allemaal met ons op de foto. Ze willen steeds mijn haren raken. Ik kan er nog steeds niet aan wennen dat ik zo op een voetstuk wordt geplaatst. De hele dag lopen Willemijn en ik met een horde kinderen aan onze zij. Samen kijken we naar de leeuwen, zebra's, struisvogels, uilen, ezels en apen. In het informatiecentrum waar voorlichting wordt gegeven over dieren, het milieu en de landbouw pak ik kinderen op mijn rug zodat ze beter kunnen zien wat er om hen heel verteld wordt.
Aan het eind van de dag wordt er door de leerkrachten en de 200 kinderen gespeeld met de springtouwen, ballen en elastieken die Willemijn en ik aan de school gegeven hebben van het geld van de sponsor SLB diensten. Willemijn en ik spelen mee. Ik zie alleen maar vrolijke en gelukkige kinderen om mijn heen. Ze zijn hun zorgen even vergeten. Een mooiere afsluiting van deze dag had ik mij niet kunnen wensen.
Met 30 op elkaar gepropte kinderen rijden we in een soort van retro volkswagenbusje voldaan terug naar de Jack Compound.
Het schoolbusje staat voor onze lodge en we vertrekken samen met een paar leden van de kidsrights club en een aantal leden naar de zoo. Onderweg vond er flink gezongen. Om het ritme aan te geven wordt er op de dak van het busje geslagen. De sfeer zit er al goed in!
Tijdens deze rit vraagt Dalisto (een leerkracht) aan mij of ik vandaag mijn lenzen in heb. Ik desinfecteer me handen en haal de lens eruit. Hij is harstikke verbaasd en gaat zelfs huilen. Hij denkt dat ik veel pijn heb als ik deze plastic rondjes in doe. Ik besef mij weer eens dat dingen die voor ons heel vanzelfsprekend zijn, dit hier niet zijn.
Vol bewondering loop in door Mula Wanda. Ik dacht dat dit een dierentuin zou zijn. Maar deze attractie bestaat uit een botanische tuin met zwembad en een dierentuin. Deze is nog dicht. Wat een mooie, kleurrijke bomen, planten en struiken. Ondanks de rondrennende kinderen kom je hier echt tot rust.
Naast Mula Wanda is een kliniek. De baby van Yvonne moet nog op een halfjaarlijkse controle komen. Ze vraagt of we mee gaan. Met de baby op mijn rug loop ik de kliniek binnen. Afwachtend kijk ik hoe de verpleegsters zullen reageren bij het zien van een blanke vrouw met een bruine baby. Baby-k begint te huilen en het grapje mislukt , want Yvonne komt natuurlijk meteen kijken wat er aan de hand is. De verpleegsters zijn harstikke aardig en ik mag hen alles vragen. Dit laat ik mij niet twee keer zeggen en vraag haar de oren van het lijf. De vrouw vertelt mij dat kinderen in Zambia tot en met 5 jaar elk half jaar gratis op controle komen. Hun ontwikkeling wordt bijgehouden. De baby's worden gewogen en krijgen injecties en vitminepillen.
Op de terugweg komt er een man naar mij toe. Hij vraagt mij of hij mijn vriend mag worden. Ik kijk hem raar aan en maak hem duidelijk dat ik al een vriend heb. Dan neem je er toch twee, antwoordt hij. Deze reactie had ik niet verwacht. Ik maak hem maar snel duidelijk dat ik alleen maar van mijn eigen vriend hou en niemand anders. Wat is het leven af en toe toch raar hier. De rest van de dag wordt ik ermee geplaagd dat ik een Zambiaanse vriend heb. O nee mij niet gezien! Ik ben harstikke blij met mijn eigen hollandse jongen!
Niet alleen de Jack CECUP School is in Mula Wanda. Ook verschillende andere scholen hebben hier een bezoek aan gebracht. Het valt mij meteen op welke kinderen van “onze” school zijn. Hun uniformen zijn kapot of vies, in hun schoenen zitten geen veters en hun haren zijn niet zo mooi gevlochten als de kinderen van de andere scholen. Ik schrik hier wel even van. Nu wordt de het verschil in rijk en arm weer even duidelijk. Maar voor Willemijn en mij zijn ze allemaal gelijk.
Deze kinderen zijn zo ontzettend dankbaar. Op het moment dat ze zien dat wij ook aanwezig zijn in de botanische tuin, stormen ze op ons af. Ze knuffelen ons, geven ons handjes en willen allemaal met ons op de foto. Ze willen steeds mijn haren raken. Ik kan er nog steeds niet aan wennen dat ik zo op een voetstuk wordt geplaatst. De hele dag lopen Willemijn en ik met een horde kinderen aan onze zij. Samen kijken we naar de leeuwen, zebra's, struisvogels, uilen, ezels en apen. In het informatiecentrum waar voorlichting wordt gegeven over dieren, het milieu en de landbouw pak ik kinderen op mijn rug zodat ze beter kunnen zien wat er om hen heel verteld wordt.
Aan het eind van de dag wordt er door de leerkrachten en de 200 kinderen gespeeld met de springtouwen, ballen en elastieken die Willemijn en ik aan de school gegeven hebben van het geld van de sponsor SLB diensten. Willemijn en ik spelen mee. Ik zie alleen maar vrolijke en gelukkige kinderen om mijn heen. Ze zijn hun zorgen even vergeten. Een mooiere afsluiting van deze dag had ik mij niet kunnen wensen.
Met 30 op elkaar gepropte kinderen rijden we in een soort van retro volkswagenbusje voldaan terug naar de Jack Compound.
23 july 2009 – Verpleegster gespeeld
Met een zere keel, rillingen, zweetaanvallen en hoofdpijn stond Willemijn op. Dit klonk niet goed. Met zo'n soort ziekteverschijnselen kan je hier in Zambia alles hebben. Meteen maar Wiseman gebeld om te vertellen dat Willemijn vandaag niet in staat was om les te geven. “No problem, I will comming”. Super lief natuurlijk dat hij meteen zo ongerust was.
Maar om 13.00 uur was hij nog niet hier. Ik zat hier maar op mijn bedje te wachten en in de verpleegstertje te spelen. Zou ik nog naar de school toe moeten? Toch nog maar een keer naar hem bellen. “Are the teachers all arrived?”. Owh kwam er nu een bende teachers kijken hoe het met Willemijn ging? Moet ik niet meer naar school? Wat lief dat ze zo bezorgd waren hoe het met haar ging. Het voelde alleen een beetje dubbel. Yvonne is maandag, dinsdag en woendag ziek thuis gebleven en Abel dinsdag. Aan deze leerkrachten wordt niet meteen gevraagd hoe het met hen gaat.
Nog geen twee minuten later gaat de telefoon.“Hello with Yvonne. We are on our way”. Bij binnenkomst ploffen Yvonne en Martha meteen op Willemijns bed en vragen hoe het met haar is. Wat een schatten.Daarna begint Yvonne vrolijk en luidruchtig te kletsen over baby's en vertelt ze vol trots over haar man. Je merkt meteen dat Martha een stuk stiller is. Ze voelt zich zelf ook niet lekker en wordt ook een beetje overruled door Yvonne. Je merkt meteen een verschil in haar voorkomen. Ik kijk en luister erna en let erop of Willemijn het een beetje trekt. Op moment dat het tijd is kijken we elkaar aan. Martha voelt dit ook aan en met zn vieren lopen we de zon in. Het voelt toch goed om even buiten te zijn. We lopen mee tot aan de hoek van de straat. Voor het eerst in anderhalve week tijd lopen we alleen op straat. Toch wel spannend. Ook al is het 300 meter lopen. Toch kan er in dit stukje vanalles gebeuren. Zoals auto's die je aanrijden. Zij gaan hier voor iemand aan de kant. Zelfverzekerd lopen we terug. Met de houding “niemand kan ons wat maken” laten we zien dat ze niet met ons moeten sollen.
Zullen we maar even van dit zonnetje gaan genieten? De afgelopen week is het koud en windering geweest. De buitenlucht doet ons vast goed! Voor het eerst sinds onze aankomst spelen we samen een spelletje. Als we net klaar zijn, zien we dat Mercy (een andere docent) op het terrein van de lodge loopt. Echt zo lief dat zij ook komt kijken hoe het met Willemijn gaat. Ook met haar kletsen we onder andere over vrouwen dingen. Haha het valt meteen op dat ze gefixeerd is op uiterlijk. Ik heb puistjes in mijn gezicht van het slechte eten en slapen. Ze vraagt wat het zijn. Als ik desinfectie en Deet pak om mij in te smeren tegen de muggen, is ze meteen nieuwsgierig was het is. Het bevalt haar wel en ze vraagt waar ze het zou kunnen kopen. Leuk om te zien dat vrouwen, vrouwen blijven. Ook al zijn ze arm of rijk. Uiterlijk blijft toch belangrijk.
Het is bijna etenstijd en ik vraag haar of Chima duur is. Zij zegt van wel. Een zak van 25 kilo kost 60000 kwatcha (8 euro). Hier kan een gezin van 6 kinderen twee keer per dag twee weken van eten. Ik schrik toch wel even van. Ik dacht mijn Chicken met rice van 25000 kwatcha (3 euro) die ik dadelijk ga eten goedkoop is.
Stiekem heb ik er toch wel van genoten dat ik vandaag verpleegster mocht spelen!
Maar om 13.00 uur was hij nog niet hier. Ik zat hier maar op mijn bedje te wachten en in de verpleegstertje te spelen. Zou ik nog naar de school toe moeten? Toch nog maar een keer naar hem bellen. “Are the teachers all arrived?”. Owh kwam er nu een bende teachers kijken hoe het met Willemijn ging? Moet ik niet meer naar school? Wat lief dat ze zo bezorgd waren hoe het met haar ging. Het voelde alleen een beetje dubbel. Yvonne is maandag, dinsdag en woendag ziek thuis gebleven en Abel dinsdag. Aan deze leerkrachten wordt niet meteen gevraagd hoe het met hen gaat.
Nog geen twee minuten later gaat de telefoon.“Hello with Yvonne. We are on our way”. Bij binnenkomst ploffen Yvonne en Martha meteen op Willemijns bed en vragen hoe het met haar is. Wat een schatten.Daarna begint Yvonne vrolijk en luidruchtig te kletsen over baby's en vertelt ze vol trots over haar man. Je merkt meteen dat Martha een stuk stiller is. Ze voelt zich zelf ook niet lekker en wordt ook een beetje overruled door Yvonne. Je merkt meteen een verschil in haar voorkomen. Ik kijk en luister erna en let erop of Willemijn het een beetje trekt. Op moment dat het tijd is kijken we elkaar aan. Martha voelt dit ook aan en met zn vieren lopen we de zon in. Het voelt toch goed om even buiten te zijn. We lopen mee tot aan de hoek van de straat. Voor het eerst in anderhalve week tijd lopen we alleen op straat. Toch wel spannend. Ook al is het 300 meter lopen. Toch kan er in dit stukje vanalles gebeuren. Zoals auto's die je aanrijden. Zij gaan hier voor iemand aan de kant. Zelfverzekerd lopen we terug. Met de houding “niemand kan ons wat maken” laten we zien dat ze niet met ons moeten sollen.
Zullen we maar even van dit zonnetje gaan genieten? De afgelopen week is het koud en windering geweest. De buitenlucht doet ons vast goed! Voor het eerst sinds onze aankomst spelen we samen een spelletje. Als we net klaar zijn, zien we dat Mercy (een andere docent) op het terrein van de lodge loopt. Echt zo lief dat zij ook komt kijken hoe het met Willemijn gaat. Ook met haar kletsen we onder andere over vrouwen dingen. Haha het valt meteen op dat ze gefixeerd is op uiterlijk. Ik heb puistjes in mijn gezicht van het slechte eten en slapen. Ze vraagt wat het zijn. Als ik desinfectie en Deet pak om mij in te smeren tegen de muggen, is ze meteen nieuwsgierig was het is. Het bevalt haar wel en ze vraagt waar ze het zou kunnen kopen. Leuk om te zien dat vrouwen, vrouwen blijven. Ook al zijn ze arm of rijk. Uiterlijk blijft toch belangrijk.
Het is bijna etenstijd en ik vraag haar of Chima duur is. Zij zegt van wel. Een zak van 25 kilo kost 60000 kwatcha (8 euro). Hier kan een gezin van 6 kinderen twee keer per dag twee weken van eten. Ik schrik toch wel even van. Ik dacht mijn Chicken met rice van 25000 kwatcha (3 euro) die ik dadelijk ga eten goedkoop is.
Stiekem heb ik er toch wel van genoten dat ik vandaag verpleegster mocht spelen!
22 july 2009 – poetsen van het computerlokaal
Om half 9 ging de telefoon van Willemijn. Wie kon dat nou zijn? Haha Jonathan stond al voor de deur. We hadden hem gister een beetje op het matje geroepen dat hij er vandaag om 9 uur moest zijn en nu kwam die zelfs een half uur te vroeg. Echt te mooi voor woorden van het ene uiterste naar het andere uiterste. Snel maar wat kleren en getrokken en mijn bril opgelaten
De leerkrachten hadden mij nog nooit met bril op gezien. Ze begrepen hier niks van en wilde er allemaal door kijken. Hoe kon dat nou dat Maud normaal wel kan kijken en nu opeens een bril op heeft? dachten ze allemaal. Toen ik vertelde dat ik normaal lenzen draag, begrepen ze er al helemaal niets meer van. Je kan toch niks in je oog stoppen? Dat doet toch pijn? Dan voel je toch de hele tijd zitten? Waren de reacties doe ik kreeg. Hoeveel veel kosten deze dingen dan?. Ik schaamde mij echt om dat te vertellen, want waarschijnlijk kunnen de mensen hier in Chawama een half jaar mee rond komen. Toen ik er nog eens bij stil stond, bedacht ik mij ook dat ik hier nog niemand met een bril op heb gezien. Waarschijnlijk zullen hier dus mensen zijn die slechtziend door het leven gaan.
Met zeep, doeken en vloerboenmiddel zijn we vandaag het computerlokaal gaan poetsen. Zouden de mannen mee gaan poetsen? Verbaasd keek ik hoe hard iedereen de computers afstoften, de kasten opruimden en de vloer boenden. Snel maar een poetsdoek gepakt om mee te helpen. Wat een fijn gevoel dat deze ruimte zo schoon was door eigen inzet van de leerkrachten. Het creeerde echt meer rust. In de zon heb ik samen met de leerkrachten met een frita (soort oliebol zonder rozijnen) lekker genoten van deze voldoening.
Op dat moment viel het me op dat de leerkrachten elkaar ook met andere namen aanspraken, zoals Big Fish, Zatien, ShiShi en Zack. Benieuwd vroeg ik wat deze betekende. Vol trots vertelden ze dat dit hun “preformer name” is. Dat muziek hier heel belangrijk is, wist ik wel. Maar ik had niet verwacht dat iedereen hier als artiest zingt. Volgens mij staat Willemijn en mij nog een mooi optreden te wachten....
Vandaag heb ik de kokin Elizabeth van de lodge weer helemaal happy gemaakt. Bij thuiskomst ben ik met haar noodelsoep. die ik in de spar gekocht heb, gaan koken (haha we wilde toch nog een beetje het studentenleven hier nabootsen in Zambia!). Het eerste wat ze zei was I missed you so. Helemaal trots was ze toen ik vertelde dat ik Maud Elizabeth heet. Ze genoot er echt van dat in interesse in haar toonde. Met een pan vol noodelsoep en Zambiaanse groente (rapes) ging ik naar mijn kamer. Ik groette haar met Nayenda (doei, ik ga). Ik begin hier steeds meer in te burgeren.
De leerkrachten hadden mij nog nooit met bril op gezien. Ze begrepen hier niks van en wilde er allemaal door kijken. Hoe kon dat nou dat Maud normaal wel kan kijken en nu opeens een bril op heeft? dachten ze allemaal. Toen ik vertelde dat ik normaal lenzen draag, begrepen ze er al helemaal niets meer van. Je kan toch niks in je oog stoppen? Dat doet toch pijn? Dan voel je toch de hele tijd zitten? Waren de reacties doe ik kreeg. Hoeveel veel kosten deze dingen dan?. Ik schaamde mij echt om dat te vertellen, want waarschijnlijk kunnen de mensen hier in Chawama een half jaar mee rond komen. Toen ik er nog eens bij stil stond, bedacht ik mij ook dat ik hier nog niemand met een bril op heb gezien. Waarschijnlijk zullen hier dus mensen zijn die slechtziend door het leven gaan.
Met zeep, doeken en vloerboenmiddel zijn we vandaag het computerlokaal gaan poetsen. Zouden de mannen mee gaan poetsen? Verbaasd keek ik hoe hard iedereen de computers afstoften, de kasten opruimden en de vloer boenden. Snel maar een poetsdoek gepakt om mee te helpen. Wat een fijn gevoel dat deze ruimte zo schoon was door eigen inzet van de leerkrachten. Het creeerde echt meer rust. In de zon heb ik samen met de leerkrachten met een frita (soort oliebol zonder rozijnen) lekker genoten van deze voldoening.
Op dat moment viel het me op dat de leerkrachten elkaar ook met andere namen aanspraken, zoals Big Fish, Zatien, ShiShi en Zack. Benieuwd vroeg ik wat deze betekende. Vol trots vertelden ze dat dit hun “preformer name” is. Dat muziek hier heel belangrijk is, wist ik wel. Maar ik had niet verwacht dat iedereen hier als artiest zingt. Volgens mij staat Willemijn en mij nog een mooi optreden te wachten....
Vandaag heb ik de kokin Elizabeth van de lodge weer helemaal happy gemaakt. Bij thuiskomst ben ik met haar noodelsoep. die ik in de spar gekocht heb, gaan koken (haha we wilde toch nog een beetje het studentenleven hier nabootsen in Zambia!). Het eerste wat ze zei was I missed you so. Helemaal trots was ze toen ik vertelde dat ik Maud Elizabeth heet. Ze genoot er echt van dat in interesse in haar toonde. Met een pan vol noodelsoep en Zambiaanse groente (rapes) ging ik naar mijn kamer. Ik groette haar met Nayenda (doei, ik ga). Ik begin hier steeds meer in te burgeren.
22 july 2009 – poetsen van het computerlokaal
Om half 9 ging de telefoon van Willemijn. Wie kon dat nou zijn? Haha Jonathan stond al voor de deur. We hadden hem gister een beetje op het matje geroepen dat hij er vandaag om 9 uur moest zijn en nu kwam die zelfs een half uur te vroeg. Echt te mooi voor woorden van het ene uiterste naar het andere uiterste. Snel maar wat kleren en getrokken en mijn bril opgelaten
De leerkrachten hadden mij nog nooit met bril op gezien. Ze begrepen hier niks van en wilde er allemaal door kijken. Hoe kon dat nou dat Maud normaal wel kan kijken en nu opeens een bril op heeft? dachten ze allemaal. Toen ik vertelde dat ik normaal lenzen draag, begrepen ze er al helemaal niets meer van. Je kan toch niks in je oog stoppen? Dat doet toch pijn? Dan voel je toch de hele tijd zitten? Waren de reacties doe ik kreeg. Hoeveel veel kosten deze dingen dan?. Ik schaamde mij echt om dat te vertellen, want waarschijnlijk kunnen de mensen hier in Chawama een half jaar mee rond komen. Toen ik er nog eens bij stil stond, bedacht ik mij ook dat ik hier nog niemand met een bril op heb gezien. Waarschijnlijk zullen hier dus mensen zijn die slechtziend door het leven gaan.
Met zeep, doeken en vloerboenmiddel zijn we vandaag het computerlokaal gaan poetsen. Zouden de mannen mee gaan poetsen? Verbaasd keek ik hoe hard iedereen de computers afstoften, de kasten opruimden en de vloer boenden. Snel maar een poetsdoek gepakt om mee te helpen. Wat een fijn gevoel dat deze ruimte zo schoon was door eigen inzet van de leerkrachten. Het creeerde echt meer rust. In de zon heb ik samen met de leerkrachten met een frita (soort oliebol zonder rozijnen) lekker genoten van deze voldoening.
Op dat moment viel het me op dat de leerkrachten elkaar ook met andere namen aanspraken, zoals Big Fish, Zatien, ShiShi en Zack. Benieuwd vroeg ik wat deze betekende. Vol trots vertelden ze dat dit hun “preformer name” is. Dat muziek hier heel belangrijk is, wist ik wel. Maar ik had niet verwacht dat iedereen hier als artiest zingt. Volgens mij staat Willemijn en mij nog een mooi optreden te wachten....
Vandaag heb ik de kokin Elizabeth van de lodge weer helemaal happy gemaakt. Bij thuiskomst ben ik met haar noodelsoep. die ik in de spar gekocht heb, gaan koken (haha we wilde toch nog een beetje het studentenleven hier nabootsen in Zambia!). Het eerste wat ze zei was I missed you so. Helemaal trots was ze toen ik vertelde dat ik Maud Elizabeth heet. Ze genoot er echt van dat in interesse in haar toonde. Met een pan vol noodelsoep en Zambiaanse groente (rapes) ging ik naar mijn kamer. Ik groette haar met Nayenda (doei, ik ga). Ik begin hier steeds meer in te burgeren.
De leerkrachten hadden mij nog nooit met bril op gezien. Ze begrepen hier niks van en wilde er allemaal door kijken. Hoe kon dat nou dat Maud normaal wel kan kijken en nu opeens een bril op heeft? dachten ze allemaal. Toen ik vertelde dat ik normaal lenzen draag, begrepen ze er al helemaal niets meer van. Je kan toch niks in je oog stoppen? Dat doet toch pijn? Dan voel je toch de hele tijd zitten? Waren de reacties doe ik kreeg. Hoeveel veel kosten deze dingen dan?. Ik schaamde mij echt om dat te vertellen, want waarschijnlijk kunnen de mensen hier in Chawama een half jaar mee rond komen. Toen ik er nog eens bij stil stond, bedacht ik mij ook dat ik hier nog niemand met een bril op heb gezien. Waarschijnlijk zullen hier dus mensen zijn die slechtziend door het leven gaan.
Met zeep, doeken en vloerboenmiddel zijn we vandaag het computerlokaal gaan poetsen. Zouden de mannen mee gaan poetsen? Verbaasd keek ik hoe hard iedereen de computers afstoften, de kasten opruimden en de vloer boenden. Snel maar een poetsdoek gepakt om mee te helpen. Wat een fijn gevoel dat deze ruimte zo schoon was door eigen inzet van de leerkrachten. Het creeerde echt meer rust. In de zon heb ik samen met de leerkrachten met een frita (soort oliebol zonder rozijnen) lekker genoten van deze voldoening.
Op dat moment viel het me op dat de leerkrachten elkaar ook met andere namen aanspraken, zoals Big Fish, Zatien, ShiShi en Zack. Benieuwd vroeg ik wat deze betekende. Vol trots vertelden ze dat dit hun “preformer name” is. Dat muziek hier heel belangrijk is, wist ik wel. Maar ik had niet verwacht dat iedereen hier als artiest zingt. Volgens mij staat Willemijn en mij nog een mooi optreden te wachten....
Vandaag heb ik de kokin Elizabeth van de lodge weer helemaal happy gemaakt. Bij thuiskomst ben ik met haar noodelsoep. die ik in de spar gekocht heb, gaan koken (haha we wilde toch nog een beetje het studentenleven hier nabootsen in Zambia!). Het eerste wat ze zei was I missed you so. Helemaal trots was ze toen ik vertelde dat ik Maud Elizabeth heet. Ze genoot er echt van dat in interesse in haar toonde. Met een pan vol noodelsoep en Zambiaanse groente (rapes) ging ik naar mijn kamer. Ik groette haar met Nayenda (doei, ik ga). Ik begin hier steeds meer in te burgeren.
22 july 2009 – poetsen van het computerlokaal
Om half 9 ging de telefoon van Willemijn. Wie kon dat nou zijn? Haha Jonathan stond al voor de deur. We hadden hem gister een beetje op het matje geroepen dat hij er vandaag om 9 uur moest zijn en nu kwam die zelfs een half uur te vroeg. Echt te mooi voor woorden van het ene uiterste naar het andere uiterste. Snel maar wat kleren en getrokken en mijn bril opgelaten
De leerkrachten hadden mij nog nooit met bril op gezien. Ze begrepen hier niks van en wilde er allemaal door kijken. Hoe kon dat nou dat Maud normaal wel kan kijken en nu opeens een bril op heeft? dachten ze allemaal. Toen ik vertelde dat ik normaal lenzen draag, begrepen ze er al helemaal niets meer van. Je kan toch niks in je oog stoppen? Dat doet toch pijn? Dan voel je toch de hele tijd zitten? Waren de reacties doe ik kreeg. Hoeveel veel kosten deze dingen dan?. Ik schaamde mij echt om dat te vertellen, want waarschijnlijk kunnen de mensen hier in Chawama een half jaar mee rond komen. Toen ik er nog eens bij stil stond, bedacht ik mij ook dat ik hier nog niemand met een bril op heb gezien. Waarschijnlijk zullen hier dus mensen zijn die slechtziend door het leven gaan.
Met zeep, doeken en vloerboenmiddel zijn we vandaag het computerlokaal gaan poetsen. Zouden de mannen mee gaan poetsen? Verbaasd keek ik hoe hard iedereen de computers afstoften, de kasten opruimden en de vloer boenden. Snel maar een poetsdoek gepakt om mee te helpen. Wat een fijn gevoel dat deze ruimte zo schoon was door eigen inzet van de leerkrachten. Het creeerde echt meer rust. In de zon heb ik samen met de leerkrachten met een frita (soort oliebol zonder rozijnen) lekker genoten van deze voldoening.
Op dat moment viel het me op dat de leerkrachten elkaar ook met andere namen aanspraken, zoals Big Fish, Zatien, ShiShi en Zack. Benieuwd vroeg ik wat deze betekende. Vol trots vertelden ze dat dit hun “preformer name” is. Dat muziek hier heel belangrijk is, wist ik wel. Maar ik had niet verwacht dat iedereen hier als artiest zingt. Volgens mij staat Willemijn en mij nog een mooi optreden te wachten....
Vandaag heb ik de kokin Elizabeth van de lodge weer helemaal happy gemaakt. Bij thuiskomst ben ik met haar noodelsoep. die ik in de spar gekocht heb, gaan koken (haha we wilde toch nog een beetje het studentenleven hier nabootsen in Zambia!). Het eerste wat ze zei was I missed you so. Helemaal trots was ze toen ik vertelde dat ik Maud Elizabeth heet. Ze genoot er echt van dat in interesse in haar toonde. Met een pan vol noodelsoep en Zambiaanse groente (rapes) ging ik naar mijn kamer. Ik groette haar met Nayenda (doei, ik ga). Ik begin hier steeds meer in te burgeren.
De leerkrachten hadden mij nog nooit met bril op gezien. Ze begrepen hier niks van en wilde er allemaal door kijken. Hoe kon dat nou dat Maud normaal wel kan kijken en nu opeens een bril op heeft? dachten ze allemaal. Toen ik vertelde dat ik normaal lenzen draag, begrepen ze er al helemaal niets meer van. Je kan toch niks in je oog stoppen? Dat doet toch pijn? Dan voel je toch de hele tijd zitten? Waren de reacties doe ik kreeg. Hoeveel veel kosten deze dingen dan?. Ik schaamde mij echt om dat te vertellen, want waarschijnlijk kunnen de mensen hier in Chawama een half jaar mee rond komen. Toen ik er nog eens bij stil stond, bedacht ik mij ook dat ik hier nog niemand met een bril op heb gezien. Waarschijnlijk zullen hier dus mensen zijn die slechtziend door het leven gaan.
Met zeep, doeken en vloerboenmiddel zijn we vandaag het computerlokaal gaan poetsen. Zouden de mannen mee gaan poetsen? Verbaasd keek ik hoe hard iedereen de computers afstoften, de kasten opruimden en de vloer boenden. Snel maar een poetsdoek gepakt om mee te helpen. Wat een fijn gevoel dat deze ruimte zo schoon was door eigen inzet van de leerkrachten. Het creeerde echt meer rust. In de zon heb ik samen met de leerkrachten met een frita (soort oliebol zonder rozijnen) lekker genoten van deze voldoening.
Op dat moment viel het me op dat de leerkrachten elkaar ook met andere namen aanspraken, zoals Big Fish, Zatien, ShiShi en Zack. Benieuwd vroeg ik wat deze betekende. Vol trots vertelden ze dat dit hun “preformer name” is. Dat muziek hier heel belangrijk is, wist ik wel. Maar ik had niet verwacht dat iedereen hier als artiest zingt. Volgens mij staat Willemijn en mij nog een mooi optreden te wachten....
Vandaag heb ik de kokin Elizabeth van de lodge weer helemaal happy gemaakt. Bij thuiskomst ben ik met haar noodelsoep. die ik in de spar gekocht heb, gaan koken (haha we wilde toch nog een beetje het studentenleven hier nabootsen in Zambia!). Het eerste wat ze zei was I missed you so. Helemaal trots was ze toen ik vertelde dat ik Maud Elizabeth heet. Ze genoot er echt van dat in interesse in haar toonde. Met een pan vol noodelsoep en Zambiaanse groente (rapes) ging ik naar mijn kamer. Ik groette haar met Nayenda (doei, ik ga). Ik begin hier steeds meer in te burgeren.
Abonneren op:
Posts (Atom)